Post Description
Tante Leen (Amsterdam, 28 januari 1912 - Amsterdam, 5 augustus 1992), werkelijke naam Helena Kok-Polder, later Helena Jansen-Polder, was een Nederlands volkszangeres. Samen met haar gabber Johnny Jordaan mag zij aanspraak doen gelden op de titel "de Stem van de Jordaan". Tante Leen trad pas op 43-jarige leeftijd voor het eerst op. Daarvoor verdiende ze de kost als schoonmaakster en garnalenpelster. Bezoekers van het café waar ze werkte en zong om de gasten te vermaken schreven haar in voor een talentenjacht die platenmaatschappij Bovema had uitgeschreven om de Stem van de Jordaan te vinden. Ze behaalde de tweede plaats achter Johnny Jordaan. Vanaf dat moment luidde haar bijnaam de nachtegaal van de Willemsstraat. Tante Leen trad vaak op samen met Johnny Jordaan en werd vaak begeleid door accordeonisten als Jan Schallig .Veel van haar teksten waren van de hand van Jaap Valkhoff. Haar grootste hit had ze met het nummer Oh, Johnny dat gericht is aan Johnny Jordaan. Die antwoordde hierop met het lied Tante Leen, Tante Leen, Tante Leen, ik ga een liedje over je zingen. Vanaf 1960 had Tante Leen samen met haar tweede echtgenoot (haar eerste echtgenoot kwam tijdens de Tweede Wereldoorlog om bij een bombardement) 'Ome' Bram Jansen een eigen café aan de Nieuwendijk 103, waar ze iedere dag optrad. In 1947 krijgen ze een zoon Freddie genaamd. Haar lied 'Ook kleine kinderen worden groot' is aan hem gericht. In 1968 werd ze uitgenodigd om Nederland te vertegenwoordigen op het Eurovisiesongfestival, maar ze sloeg de uitnodiging af. Zij beëindigde haar zangcarrière in 1975 en bracht de laatste jaren van haar leven door in een verzorgingshuis. In 1994 werd voor haar een borstbeeld opgericht op het pleintje aan het begin van de Elandsgracht. Haar beeld kwam naast dat van Johnny Jordaan te staan. Het plein heet tegenwoordig Johnny Jordaanplein.
Johnny Jordaan, (pseudoniem van Johannes Hendricus van Musscher, (Amsterdam, 7 februari 1924 - aldaar, 8 januari 1989) was een Nederlands zanger en vertolker van het levenslied. Hij is bekend geworden door zijn liederen over Amsterdam en in het bijzonder over de Amsterdamse Jordaan. Jordaan zong vanaf zijn 8e jaar, samen met zijn neef Carel Verbrugge (Willy Alberti) op straat en in cafés liederen om geld voor zijn familie bij elkaar te sprokkelen. Op 9-jarige leeftijd verloor hij een oog in een stoeipartij met Verbrugge. De naam Johnny Jordaan gebruikte hij vanaf zijn 14e, toen hij in zijn vrije tijd (hij werkte in verschillende baantjes) in cafés bleef zingen. Na de oorlog kreeg hij een baan als zingende kelner in het Amsterdamse café De Kuil. De dood van zijn moeder in 1952 bezorgde hem naast veel verdriet waarschijnlijk ook zijn eerste lichte hersenbloeding. In 1955 won hij een wedstrijd die platenmaatschappij Bovema had uitgeschreven om de Stem van de Jordaan te vinden. Hij bracht zijn eerste single uit, De Parel van de Jordaan met op de B-kant Bij ons in de Jordaan (een compositie van Louis Noiret). De liedjes werden gespeeld op het radiostation van de AVRO. De single verbrak alle records en hij was opeens een nationale beroemdheid. Hij bracht in de jaren daarna ook nog een aantal singles uit, die allemaal erg succesvol bleken, alhoewel hij pas na 1961 ook door andere omroepen dan de AVRO werd gedraaid. Daarvoor werd hij door de andere omroepverenigingen geboycot. De VARA vond zijn repertoire ordinair en ongeschikt voor de PvdA-stemmendearbeider. Door slecht financieel beheer kwam hij op zwart zaad te zitten. In 1962 opende hij een café in Rotterdam, dat aanvankelijk goed liep, maar hij moest deze zaak uiteindelijk door belastingschulden sluiten. Hij vertrok naar Antwerpen om ook daar een café te beginnen, maar zijn heimwee was te sterk en in 1968 zorgde zijn goede vriendin Tante Leen ervoor dat hij weer terug kon komen naar Amsterdam. De platenmaatschappij betaalde zijn belastingschuld. Harry de Groot schreef een nieuw lied voor hem, 'n Pikketanussie, en zijn muziek bleek opnieuw populair. Hij toerde ook in Australië en Nieuw-Zeeland. In 1970 liet zijn toch al mindere gezondheid het verder afweten, in korte tijd kreeg hij een lichte hersenbloeding en een aantal hartinfarcten. Uiteindelijk nam hij in 1972 afscheid van het publiek met een televisieshow met Tante Leen, Willy Alberti, Ramses Shaffy, Zwarte Riek, Harryde Groot en tekstschrijver Pi Veriss. Aan het eind zong hij het afscheidslied: Bedankt Lieve Mensen.
Incidenteel bleef de Stem van de Jordaan daarna nog optreden. Eind 1988 kreeg hij opnieuw een hersenbloeding, en op 8 januari 1989 overleed hij op 64-jarige leeftijd. Op de begraafplaats Vredenhof werd hij bijgezet in het graf waar ook zijn moeder, grootmoeder en schoonmoeder rusten.
Comments # 0